Overslaan en naar de inhoud gaan

Rouwen als vader – ‘Ik herkende mijzelf niet meer’

Tom Moesker zag het wel zitten om vader te worden. Het leek hem geweldig om zijn kind mee te nemen op de levensreis. Toch voelde hij zich ook onzeker. Zou hij dit wel kunnen? Toen hij en zijn vrouw Klazina hoorden dat ze een tweeling verwachtten, was dat in eerste instantie best een schok. Zoals waarschijnlijk voor veel mannen gold, was Toms eerste gedachte: we hebben een grotere auto nodig. Niet veel later bracht de gynaecoloog hartverscheurend nieuws.

‘Het gebeurde tijdens de twaalfwekenecho in het Martiniziekenhuis in Groningen. Omdat we een tweeling verwachtten, moesten we voor medische begeleiding naar het ziekenhuis. Daarom vond ook de echo daar plaats.’

Onverenigbaar met het leven
Een paar maanden daarvoor had Klazina een miskraam gehad.
‘Dat was een heel verdrietige gebeurtenis, maar het leven ging door. Natuurlijk maakte het ons extra gespannen of het deze keer wel goed zou gaan. Een klinisch verloskundige probeerde de apparatuur goed af te stellen, maar kreeg geen duidelijk echobeeld. Eén kindje kreeg ze goed in beeld, maar het andere niet. Aan haar houding merkten we dat er iets niet goed was.

Op dat moment was er geen gynaecoloog beschikbaar, dus moesten we later die week terugkomen. Dat waren ontzettend moeilijke dagen. Toen we later die week eindelijk bij de gynaecoloog kwamen, was hij heel duidelijk: “Tom en Klazina, dit is niet goed.”
Hij legde uit dat het hoofdje van één van de baby’s zich niet goed ontwikkelde. Zoals hij het omschreef, was dit onverenigbaar met het leven. Die woorden vergeet ik nooit meer. Mijn wereld stortte in. Ik had me voorgesteld hoe twee kinderen samen zouden opgroeien en dat beeld viel nu volledig in duigen. Natuurlijk waren we opgelucht dat het met het andere kindje wel goed ging, maar dat was niet genoeg om alle pijn weg te nemen.’

Je vader voelen
‘Toen we zeker wisten dat we twee jongens zouden krijgen, gaven we ze hun namen. Dat was heel moeilijk. Welke naam zouden we aan welke jongen geven? Uiteindelijk noemden we het gezonde kindje Melle en het kindje dat niet levensvatbaar was Mees. Ik vond het moeilijk om mijn ouders te vertellen dat we één van de twee jongens zouden verliezen. Het voelde alsof ik een deel van hun geluk van hen afpakte.
Ik wist niet hoe het zou voelen om vader te worden, laat staan hoe het zou zijn om een kind te verliezen. De eerdere miskraam was natuurlijk ook een verlies, maar ik kan niet zeggen dat ik toen al het gevoel had dat ik een kind verloor. Nu voelde dat wel zo.

Ik deed de dingen die van mij als vader werden verwacht, maar ik had er niet de juiste gevoelens bij. Ja, ik maakte een mooie kamer voor Melle. Maar met mijn gedachten was ik ergens anders en het gaf me veel minder plezier dan het zou moeten geven. Het contrast was zo groot dat het de vreugde over het gezonde kindje overschaduwde.’

Vreugde
‘Toen de bevalling begon, lag Melle gelukkig onderop. Zo kon hij de weg vrijmaken voor zijn broertje. Het moment waarop Melle werd geboren, gaf me een overweldigend gevoel van vreugde. Ik mocht de navelstreng doorknippen en het kleine jongetje in mijn armen houden. Ik was ontzettend blij en zo trots op Klazina en Melle. Heel even viel al het andere weg. Het was het mooiste moment van mijn leven.
Maar daarna moesten we snel omschakelen, want Mees kwam er al aan. Hij werd meteen op Klazina’s borst gelegd. Terwijl ik Melle in mijn armen hield, leefde Mees nog ongeveer een minuut. Daarna gleed hij langzaam uit het leven. Hij stierf in onze armen.

Het was zo vreemd. Ik werd vader van een zoon en verloor tegelijkertijd een zoon. We legden Melle in zijn wiegje en Mees in het kleine mandje waarin hij zou worden gecremeerd. Dat contrast was bizar.
Afscheid nemen van Mees voelde zo verkeerd. Vooral toen we ons moesten omdraaien en ons kind in het crematorium moesten achterlaten. Ik had hem zo graag willen zien opgroeien. Ik had hem willen helpen opgroeien en leuke dingen met hem willen doen. Maar dat zou nooit gebeuren.’

Verdergaan
‘Ik had niet veel tijd om bij het verlies stil te staan, want we moesten verder voor Melle. Hij had een moeilijke start. Het hielp toen een arts ons eraan herinnerde dat ook hij zijn broertje miste, met wie hij in Klazina’s buik was opgegroeid. Daardoor konden we beter begrijpen dat Melle zich ook moest aanpassen.
Drie weken na het overlijden van Mees ging ik weer aan het werk. Achteraf gezien was het een manier om te vluchten, maar op dat moment voelde het goed. Ik was verantwoordelijk voor Klazina en Melle, dus ging ik werken. Zo hoorde het, dacht ik.

Diep vanbinnen wilde ik vooral mijn oude, onbezorgde leven terug. Natuurlijk wist ik dat dat onmogelijk was, maar toch…
Het ging steeds slechter met me. Ik raakte steeds vaker gefrustreerd om niets.
Op een dag zei Klazina: “Misschien moet je je ziekmelden en met een psycholoog gaan praten, zoals ik ook doe.”
Ik zag daar het nut niet van in. Ik was de man in huis. Zij hadden het zwaar en ik moest ervoor zorgen dat ik de stabiele factor was op wie zij konden terugvallen. Ik zou mijn gevoelens niet laten zien. Ik speelde een rol, maar de echte Tom was verdwenen.’

Het had invloed op ons huwelijk
‘Ik was niet bereikbaar voor Klazina, omdat ik niet wist hoe ik mijn emoties moest begrijpen. Al die gevoelens die door me heen raasden, maakten me in de war. Wat voelde ik nu echt? Hoe moest ik dat onder woorden brengen? Het lukte me niet.
Dat was moeilijk voor haar. Zij kon haar emoties goed uiten, maar ik verborg die van mij. Dat had ook invloed op ons huwelijk.
Ik ging naar mijn werk en had het gevoel dat ik Klazina en Melle in de steek liet. Op mijn werk wisten mensen ook niet altijd hoe ze met me om moesten gaan. Sommigen zochten me op, anderen vermeden me.

Uiteindelijk ben ik toch met een psycholoog gaan praten. Ik besefte dat ik hulp nodig had.
Klazina en ik praatten niet meer met elkaar zoals vroeger. We waren vooral ieder afzonderlijk aan het rouwen en deden het niet samen. We dreigden elkaar kwijt te raken. Daarom stelde Klazina relatietherapie voor.
In het begin zag ik dat helemaal niet zitten. Ik dacht dat we dit zelf wel konden oplossen. Zo ben ik nu eenmaal. Maar later stelde ik me er toch voor open en het hielp ons om weer op één lijn te komen. We moesten elkaar vasthouden en elkaar blijven opzoeken, anders zou onze relatie in gevaar komen.’

Gefrustreerd en boos
‘Persoonlijk kreeg ik het steeds moeilijker. Via een rouwtherapeut ontdekte ik dat ik naast mijn rouw ook een depressie had. Mijn therapeut verwees me door naar een psycholoog voor cognitieve gedragstherapie. Deze psycholoog hielp me woorden te geven aan de boosheid en frustratie die steeds naar boven kwamen.
Ik was woedend en vond het oneerlijk dat dit ons was overkomen. We leefden gezond, we hadden alles goed voor elkaar en deden alles zoals het hoorde. En toch gebeurde dit. Waarom? Waarom wij?

Ik was ook enorm gefrustreerd dat ik dit niet zelf kon oplossen. Voor die tijd was ik nog nooit met echte tegenslag geconfronteerd. Wat moest ik met al dat verdriet en al die emoties? Met die boosheid, dat verdriet en dat gevoel van machteloosheid?
Om met mijn frustratie om te gaan, ging ik vaak naar buiten om te wandelen of grote afstanden hard te lopen. Soms werd ik thuis zo boos dat ik de controle verloor. Klazina herkende me soms nauwelijks meer.
Zelf voelde ik dat ook zo. Soms herkende ik mezelf niet meer. Ik had mijn emoties niet onder controle en dat maakte me bang. Ik verloor de grip.’

Een uitlaatklep
‘In die periode had ik de gewoonte gekregen om in bed te blijven liggen en niets te doen. Mijn psycholoog wilde dat patroon doorbreken. Ze gaf me een dagschema en ik moest alles op alles zetten om rond acht uur op te staan, tot twaalf uur wakker te blijven en iets te gaan doen.
Om door die periode heen te komen, ben ik gaan sporten. Ik merkte dat het me echt hielp. Daarom stelde ik mezelf als doel om een halve triatlon te volbrengen.
Ik begon te trainen met zwemmen, fietsen en hardlopen. Dat hielp me in mijn rouwproces. Het was een uitlaatklep voor mijn boosheid en frustratie. Veel mannen hebben dat nodig. Sport is niet alleen een manier om te vluchten. Het helpt je om je verdriet te verwerken.

Op 10 september 2021 was het eindelijk zover: de halve triatlon. Door corona was die meerdere keren uitgesteld. Achteraf bleek dat juist goed te zijn, omdat ik er nu klaar voor was om de periode van rouw en depressie af te sluiten.
Ik kon er symbolisch een punt achter zetten. Het was heel fijn om weer van dingen te kunnen genieten en ook af en toe verdrietig te kunnen zijn zonder erin vast te blijven zitten.’

Vader zijn
‘Ik vind mijn rol als vader soms ingewikkeld. Er waren momenten waarop ik zo genoot van het samenzijn met Melle, dat ik me schuldig voelde tegenover Mees. Ik had hem dit ook zo gegund.

Ik mis Mees. Hij is mijn zoon en ik ben trots op hem. Wat had ik hem graag beter willen leren kennen.
Later werden we opnieuw zwanger. Omdat het kindje een ernstige open rug had, hebben we de zwangerschap beëindigd. Dat was opnieuw heel verdrietig.
Toch bleven we verlangen naar een tweede gezond kindje. Tot onze grote vreugde werden we dit voorjaar de trotse ouders van Lotte.’

“Sporten is geen vlucht, maar een vorm van rouwverwerking”

"Sporten is geen vlucht, maar een vorm van rouwverwerking"

Met de vertaalfunctie rechtsboven kun je deze pagina eenvoudig in jouw eigen taal bekijken.

Deze pagina bevat artikelen uit het algemene Rouwkost Magazine.

Ben je op zoek naar het Rouwkost Magazine voor ouders met een islamitische achtergrond? Via onderstaande knop ga je naar die editie.

Andere artikelen uit het magazine